Wim Deelen

Een stylist uit de Alblasserwaard

Weerzien met Wim Deelen | een stylist uit de Alblasserwaard

Door Henk Stolk

ROTTERDAM ‘€“ Hoewel zijn wielercarrière maar een kleine tien jaar heeft geduurd betekent het geenszins dat de 68 jaar geleden in Nieuw-Lekkerland geboren Wim Deelen geen gespreksstof heeft. In zijn gezellige woning, gesitueerd naast de peilers van de Van Brienenoord Brug, vertelt de in 1969 naar de Maasstad verhuisde, goedlachse oud-prof honderduit over zijn belevenissen. ,,Ik heb eens een fiets bij oud-schaatser Anton Verhoeven, ja die met vier anderen de Elf Steden Tocht heeft gewonnen, gekocht. Verhoeven was een scharrelaar en had een ijzerzaak, waar hij ook fietsen verkocht. Ik kocht een mooie dokter Mann fiets. Achteraf bleek die fiets gejat te zijn.”

Na nog een aantal sappige anekdotes te hebben opgedist en de dood van een aantal oud-renners te hebben aangehaald verstrakt zijn gezicht verder. Hij werpt een blik op de muur, waar een foto van een vrouw hangt . ,,Mijn vrouw Agnes’’, zegt hij. . Mooie vrouw hé’’, klinkt het trots. ,,Ze is vijf jaar geleden aan een hersentumor overleden. Het begon in haar longen. Het heeft een jaar geduurd. Een echte Lekkerlandse. Ze was de dochter van de kolenboer.’’

Voordat Wim Deelen de koersbroek aantrok voetbalde hij als linkshalf bij Nieuw-Lekkerland. Als A-junior behoorde hij al tot de selectie. Tot een debuut in de hoofdmacht kwam het niet. ,,Ik ben gaan fietsen bij De Mol en reed met jongens als Ton Schilperoord, Hennie van de Adel, Piet Barendregt en Jan Corvers. Het duurde even voor de nieuweling zijn draai tussen de wielen had gevonden. Dat hij een hardfietser was en graag in een ontsnapping zat viel snel op. Dat hij een stylist was eveneens. ,,Ik zat mooi op de fiets”€™, hoorde ik altijd. Een winnaarstype bleek hij niet. ,,Ik kon niet sprinten”€™, stipt hij het euvel aan.

In 1966 won Deelen, die een goede tijdrit in de benen had, in de ploeg van Crescent van Thijs Verveer het Eilanden kampioenschap. ,,Mijn eerste overwinning”€™, meldt Deelen, die als een goed gesoigneerde renner te boek stond. Deelen, een coureur met een bloeiende supportersclub en als amateur tegenstanders als Wim van Steenis, Jan van Driel en Jan van Veen trof, had toen de smaak te pakken en werd broodamateur. ,,Op zaterdag en zondag reed ik in Nederland en door de weeks in Belgi딀™, frequenteerde hij als kaaskop de kermiskoersen.

Over de verdiensten had hij in die tijd niets te klagen. ,,Ik won in 1967 de Ronde van Alblasserdam, pakte de leidersprijs, een stel premies en kreeg van mijn supportersclub nog een leuk bedragje en ging met 800 gulden naar huis.”€™ Een ongetwijfeld voor hem lucratieve machtsgreep in zijn eigen dorp mislukte. ,,Rudie Liebrechts, de schaatsenrijder’, werkte niet mee”€™, klinkt het ietwat bitter.

Deelen, enkele seizoenen goed voor een vijftal zeges, werd in 1969 beroepsrenner. Hij stapte vol enthousiasme over van de amateurploeg van Batavus naar het Duitse Batavus-Alcina-Continental. Het profavontuur was even kortstondig als teleurstellend. ,,Ik was knecht van Hennes Junkermann in zijn nadagen. De begeleiding was slecht en amateuristisch’’, sombert hij. De moraal verschrompelde even hard als zijn beroepsernst. De verdiensten waren karig. ,,Ik was blij dat mijn vrouw werkte”, hoefde hij niet op een houtje te bijten.

,,Achteraf ben ik bij de verkeerde ploeg terecht gekomen.”€™ Wellicht had het NK op een vlak parkoers in Helmond zijn carrière nog een andere wending kunnen geven. ,,Ik reed voor Jan Janssen, maar die was opeens nergens meer te zien. Daarna voor Harry Steevens. Die kon het ook niet maken. Peter Kisner werd kampioen. Achteraf had ik voor mijn eigen kans moeten gaan.”

Toch putte hij nog wel enige voldoening uit zijn twee magere profjaren. Koersen met renners van het kaliber Anquetil, Poulidor, Janssen, Post, Pingeon, Van Looy, Gimondi en Merckx is niet iedere wielrenner gegeven. , ,,In de Ronde van Zwitserland ging ik in een groep met Jan Janssen goed omhoog.”€™ In Zwitserland werd het verschil tussen vedetten en kleine renners hem nog duidelijker. ,,Wereldkampioen Adorni werd omhoog geduwd en ik moest het alleen doen.”€™ Eerder al ontdekte hij bij de criteriums het enorme verschil op het gebied van startgelden. Het zag er nog even naar uit dat Deelen zijn loopbaan als broodfietser zou verlengen. ,,Er speelde iets in Zwitsrland met Fritz Pfenninger, de Zwitserse zesdaagserenner, maar dat is uiteindelijk op niets uitgelopen.”€™

Deelen hield in 1971 het actieve wielrennen voor bekeken en stapte de normale maatschappij binnen en verdiende zijn boterham in de klein metaal.

Ik zaag die fiets in tweeën!€™

De vader van Wim Deelen vond het helemaal niets dat zoonlief zijn voetbalschoenen verwisselde voor de koersfiets. ,,Mijn broer Bas speelde in het eerste van Nieuw-Lekkerland. Hij is later in Numansdorp gaan werken, ontmoette er zijn vrouw, is er gaan wonen en heeft jarenlang in het eerste van NSVV gespeeld.

Met twee zoons in het eerste van Lekkerland zou mijn vader hartstikke trots zijn geweest. Toen ik ging fietsen zei hij; ‘ik zaag die fiets van jou in tweeën. Heeft hij niet gedaan hoor. Hij is mijn grootste supporter geworden”€™. Deelen senior hielp zijn zoon later in snel tempo van de gewonnen bekers af. ,,Hij organiseerde in Nieuw-Lekkerland op het Jan van Nassauplein wedstrijdjes op gewone fietsen voor jongens uit de buurt. Ze reden een paar rondjes en de winnaar kreeg een beker. ‘€˜Ik heb er weer eentje…

Geschreven door Henk Stolk Geschreven: 16 november 2012