Peter Plaisier

Peter Plaisier kende zijn plaats in het wielerpeloton

Oud-renner maatschappelijk goed terecht gekomen 

ALBLASSERDAM – Peter Plaisier begon zijn wielercarriëre in 1967 bij de liefhebbers en is in zijn hart altijd liefhebber gebleven. De niet bepaald met een vlijmscherpe eindsprint begiftigde Alblasserwaarder was blij met iedere korte klassering. Van een in de Ronde van Zwijndrecht behaalde vijfde plaats kan hij nog altijd genieten. ,,Ik kwam voorop te zitten in een kopgroep van vijf met Piet Kleine, Jos Bol, Erik Dekker en Bart Voskamp. We bleven weg. Hoeveelste ik ben geworden ? Wat dacht je ? Vijfde natuurlijk. Ik had een sprint als een strijkijzer. Vijfde, mooi toch verliezen van zulke mannen is geen schande.”€™

Oud-wielrenner Peter Plaisier heeft bewezen dat werk, studie en sport hand in hand kunnen gaan. Zich realiserend dat een carriëre als prof geen haalbare kaart was liet hij werk en zijn met succes bekroonde vierjarige opleiding tot chemisch analist prevaleren.  De keus voor een maatschappelijke carriëre betekende absoluut niet dat hij minder plezier in het koersen had. Een topper in het amateurpeloton is hij niet geworden, maar de 45 jaar geleden in Alblasserdam geboren sporter speelde vooral op basis van zijn doorzettingsvermogen beslist geen figurantenrol. Hij manifesteerde zich als een taaie rakker, die je zomaar niet even uit het wiel reed. 

Wel kende hij zijn plaats, want tegen broodamateurs en renners, die tijdens de wintermaanden in de suikerfabriek werkten, viel niet op te boksen. Daarvoor had hij in de beginfase van het seizoen te weinig kilometers in de benen. Een euvel dat hij probeerde te ondervangen met intervaltrainingen. Maar pas na de voorjaarsklassiekers, die hij met moeite verteerde, had hij voldoende kracht in de kuiten om voor de prijzen mee te kunnen doen. In de criteriums reed de nimmer verzakende Plaisier regelmatig bij de eerste tien en pakte in de later verreden klassiekers ook zijn prijsjes mee. Het zoet der overwinning mocht hij nimmer smaken. Daarvoor was zijn sprint te mager. Een derde podiumplaats in Geldrop was zijn beste prestatie.

Maatschappelijk is Plaisier, die een knusse woning aan de Alblasserdamse Merwedeweg bewoont, goed terecht gekomen. Als soil specialist, door hem zelf als kwaliteitscontroleur omschreven, reist hij in dienst van het in Papendrecht gevestigde Boskalis hoofdzakelijk bij de aanleg van havens heel de wereld rond. ,,Nigeria was mijn eerste klus. Ik zit twaalf weken in het buitenland en ben daarna een maand thuis. Wat ik doe ? Ik neem grondmonsters en zet een laboratorium op 

Voordat Peter Plaisier, zoon van de in deze regio bekende oud-voetballer en gewezen trainer Wout Plaisier, als 17-jarige het cyclisme omarmde beoefende hij diverse sporten. Hij deed aan atletiek bij AAA, zwom bij Wiekslag en voetbalde bij Alblasserdam. Voetballen ging Peter Plasier , wiens zoon Colin nu ook voor Alblasserdam speelt, het minst af. ..Ik had niet het talent van mijn vader”€™, weet hij. Op het veld liep hij overal en nergens. ,,Ik geloof dat ik verdediger was”€™, glimlacht hij. Henk Bultema, destijds een regionaal bekende triatleet, maakte hem enthousiast voor de triatlon. Een duursport die hem wel lag. ,,Jammer, dat de triatlon een beetje in gekakt is”€™, merkt hij op. Het looponderdeel beviel hem wel en daarom verscheen hij in 1986 aan de start van de Rotterdam Marathon. Aan de zijde van vader Wout rolde er een knappe 3.06 uit de bus. Een tijd die naar meer smaakte, maar een tweede finish op de Coolsingel kwam er nooit. ,,Door een beenvliesontsteking’’, zegt Plasier, die intussen ook wel schik in het fietsen had gekregen. Mede door zijn oom Arie de Jong belandde hij bij De Mol. ,,In een wollentrui reed ik mijn eerste koers op het clubparkoers en kwam met Chris Maas en Arie Overbeeke voorop te zitten”€™, koestert hij zijn eerste optreden. Een van de eerste dingen die hij zich eigen moest zien maken was rijden in de buik van het peloton . ,,Leren sturen”, verduidelijkt hij. Met vader Wout, die in het begeleidingsteam van De Mol zat en zijn opa als trouwste supporters, reed hij gedurende elf jaar als amateur rond. Muziekliefhebber Plaisier, die op de schaats en ski goed uit de voeten kan, wilde tijdens het wielerseizoen zijn zinnen soms wel eens even verzetten. ,,Dan ging ik zeevissen en miste een klassieker . Dat vond ploegleider Wim Haksteen niet zo leuk.”€™